ECLI:NL:RBSGR:2010:BO9369
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- A.A.W.M. Hakvoort
- D.A. Verburg
- Rechtspraak.nl
Rechtmatigheid en wettelijke grondslag van verlenging bewaring vreemdeling volgens Terugkeerrichtlijn
Eiser, een onderdaan van een derde land die illegaal in Nederland verblijft, werd op 23 juni 2010 in bewaring gesteld op grond van artikel 59 van Pro de Vreemdelingenwet 2000. Op 15 december 2010 ontving hij een besluit tot verlenging van deze bewaringstermijn. Eiser stelde beroep in tegen dit verlengingsbesluit en het voortduren van de bewaring zelf, stellende dat er geen wettelijke grondslag voor de verlenging bestond.
De rechtbank overwoog dat de Terugkeerrichtlijn 2008/115/EG, hoewel nog niet geïmplementeerd in nationale wetgeving, directe werking heeft en een maximale bewaringstermijn van 18 maanden stelt, waarbij na zes maanden een verlengingsbesluit noodzakelijk is. Dit besluit moet worden aangemerkt als een besluit in de zin van de Algemene wet bestuursrecht. Artikel 59 van Pro de Vreemdelingenwet vormt de wettelijke basis voor het verlengingsbesluit, dat een belangenafweging vereist.
De rechtbank concludeerde dat het verlengingsbesluit rechtmatig was en dat eiser geen gronden had aangevoerd die het ontbreken van redelijk vooruitzicht op verwijdering of onvoldoende voortvarendheid van verweerder aannemelijk maakten. Het beroep werd ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep open.
Uitkomst: Het beroep tegen het verlengingsbesluit van de bewaring is ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding is afgewezen.