ECLI:NL:RBSGR:2010:BP0126
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Strijd standstillbepaling met restrictief beleid voor Turkse zelfstandigen in verblijfsvergunning
Eiser, een Turkse zelfstandige, vroeg een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd aan om arbeid als zelfstandige te verrichten. Verweerder wees de aanvraag af omdat volgens het beleid geen wezenlijk Nederlands economisch belang werd gediend en eiser niet beschikte over een geldige machtiging tot voorlopig verblijf.
Eiser stelde dat het beleid strenger was geworden dan op 1 januari 1973, het moment van inwerkingtreding van het Aanvullend Protocol bij de Associatieovereenkomst tussen de EEG en Turkije, en daarmee in strijd met de standstillbepaling. De rechtbank oordeelde dat het beleid dat bepaalde categorieën ondernemingen zonder advies van de Minister van Economische Zaken categorisch uitsluit, inderdaad restrictiever is dan het beleid van 1973, waarin individuele beoordelingen plaatsvonden.
De rechtbank vernietigde het bestreden besluit, oordeelde dat verweerder niet het beleid mocht toepassen dat zonder advies bepaalde ondernemingsactiviteiten uitsluit en veroordeelde verweerder tot vergoeding van proceskosten en griffierecht. Het beroep werd gegrond verklaard en verweerder werd opgedragen een nieuw besluit te nemen.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit tot afwijzing van de verblijfsvergunning wordt vernietigd wegens strijd met de standstillbepaling.