ECLI:NL:RVS:2004:AO8112
Raad van State
- Hoger beroep
- R.W.L. Loeb
- M. Vlasblom
- T.M.A. Claessens
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep inzake weigering verlenging verblijfsvergunning zelfstandige Turkse vreemdeling
De Minister voor Vreemdelingenzaken en Integratie stelde hoger beroep in tegen een uitspraak van de rechtbank die de weigering tot verlenging van een verblijfsvergunning voor een Turkse vreemdeling ten behoeve van zelfstandige arbeid vernietigde.
De vreemdeling had aanvankelijk een verblijfsvergunning voor verblijf bij zijn echtgenote, maar na beëindiging van het huwelijk wilde hij als zelfstandige een pizzeria exploiteren. De minister wees de aanvraag af omdat volgens hem geen wezenlijk Nederlands belang werd gediend.
De rechtbank oordeelde in het voordeel van de vreemdeling, maar de Raad van State stelde vast dat het huidige toelatingsbeleid voor zelfstandigen niet strenger is dan het beleid dat gold bij de inwerkingtreding van het associatieprotocol met Turkije in 1973, en dat de standstill-bepaling ook het recht op verblijf omvat.
De Raad van State vernietigde daarom het vonnis van de rechtbank en verwees de zaak terug voor hernieuwde behandeling met inachtneming van deze overwegingen.
Uitkomst: Het hoger beroep van de minister wordt gegrond verklaard, het vonnis van de rechtbank vernietigd en de zaak terugverwezen.