ECLI:NL:RBSGR:2010:BP0864
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Geen wettelijke grondslag voor het uitlezen van simkaart bij asielaanvraag
Eiser diende een asielaanvraag in en maakte bezwaar tegen het zonder zijn toestemming uitlezen van zijn simkaart door de vreemdelingenpolitie. Verweerder wees het verzoek tot vernietiging van de uitgelezen gegevens af. De rechtbank beoordeelde of het uitlezen van de simkaart een rechtmatige handeling was op grond van de Vreemdelingenwet 2000.
De rechtbank stelde vast dat het uitlezen van de simkaart een inmenging in het recht op privéleven is zoals beschermd door artikel 8 EVRM Pro en dat een dergelijke inmenging een duidelijke wettelijke grondslag vereist. Verweerder beriep zich op artikel 55, tweede lid, van de Vreemdelingenwet 2000, maar de rechtbank oordeelde dat deze bepaling niet toereikend is om het uitlezen van een simkaart te rechtvaardigen, omdat een simkaart geen reis- of identiteitspapier, document of bescheid is zoals bedoeld in de wet.
De rechtbank vernietigde het besluit van verweerder en bepaalde dat de uitgelezen gegevens vernietigd en verwijderd moeten worden uit alle systemen en dossiers. Tevens werd verweerder veroordeeld in de proceskosten en moest het betaalde griffierecht aan eiser worden vergoed. Het beroep tegen het eerste besluit werd niet-ontvankelijk verklaard vanwege procedurele redenen.
Uitkomst: Het beroep tegen het tweede besluit wordt gegrond verklaard en het besluit vernietigd vanwege het ontbreken van een wettelijke grondslag voor het uitlezen van de simkaart.