ECLI:NL:RVS:2012:BW1580
Raad van State
- Hoger beroep
- M. Vlasblom
- H.G. Lubberdink
- N. Verheij
- Rechtspraak.nl
Vaststelling bevoegdheid vreemdelingenpolitie tot uitlezen simkaart bij asielaanvraag
In deze zaak gaat het om het uitlezen van de simkaart van de mobiele telefoon van een asielzoeker door de vreemdelingenpolitie in het kader van de behandeling van zijn asielaanvraag. De vreemdelingenpolitie had op 8 januari 2010 de simkaart uitgelezen en een rapport opgesteld. De asielzoeker verzocht om verwijdering van dit rapport uit zijn dossier bij de Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND), wat werd afgewezen door de staatssecretaris en later door de minister.
De rechtbank verklaarde het beroep van de asielzoeker gegrond en oordeelde dat het uitlezen van de simkaart onrechtmatig was, waarna de minister werd bevolen de gegevens te vernietigen. De minister stelde hoger beroep in bij de Raad van State. De Raad van State oordeelde dat de rechtbank ten onrechte het verzoek tot verwijdering als een beroep tegen een besluit op grond van de Vreemdelingenwet 2000 had opgevat, terwijl het verzoek viel onder de Wet bescherming persoonsgegevens (Wbp).
De Raad van State stelde vast dat het uitlezen van de simkaart vergelijkbaar is met het kopiëren van documenten en dat de vreemdelingenpolitie op grond van artikel 55, tweede lid, van de Vreemdelingenwet 2000 bevoegd was tot deze handeling. Het rapport was niet onjuist, onvolledig of onrechtmatig verwerkt. Daarom verklaarde de Raad van State het hoger beroep van de minister gegrond, vernietigde de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het beroep ongegrond.
Uitkomst: De Raad van State verklaart het hoger beroep gegrond en vernietigt de uitspraak van de rechtbank, waarbij het beroep van de asielzoeker ongegrond wordt verklaard.