ECLI:NL:RBSGR:2011:BP0045
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Onrechtmatige bewaring wegens schending Terugkeerrichtlijn bij ongewenstverklaring
Eiser, een Iraakse onderdaan, werd op 27 december 2010 in bewaring gesteld na een ongewenstverklaring waarin hem een termijn van 24 uur voor vrijwillig vertrek werd opgelegd. De rechtbank oordeelt dat deze maatregel van bewaring onrechtmatig is omdat verweerder de termijn voor vrijwillig vertrek niet heeft gerespecteerd en eiser onmiddellijk in bewaring heeft gesteld, in strijd met artikel 8 van Pro de Terugkeerrichtlijn.
De rechtbank stelt vast dat de ongewenstverklaring als terugkeerbesluit kwalificeert en dat de Terugkeerrichtlijn directe werking heeft, ook al is deze nog niet geïmplementeerd in nationale wetgeving. De gronden die verweerder aan de bewaring ten grondslag legde, waaronder het risico op onderduiken, zijn niet toereikend omdat de richtlijn nog niet is geïmplementeerd en de criteria daarvoor ontbreken in de nationale wetgeving.
Verder oordeelt de rechtbank dat de maatregel niet gerechtvaardigd is op basis van de overige aangevoerde gronden, zoals het ontbreken van identiteitspapieren of het niet naleven van vertrektermijnen, aangezien eiser traceerbaar was en de vertrektermijn nog niet was verstreken.
De rechtbank beveelt daarom de opheffing van de maatregel van bewaring met ingang van 7 januari 2011 en kent eiser een schadevergoeding toe van €905,- wegens tien dagen onrechtmatige bewaring. Tevens worden de proceskosten van €874,- aan eiser toegekend.
Uitkomst: De maatregel van bewaring is onrechtmatig verklaard en opgeheven, met toekenning van schadevergoeding en proceskosten aan eiser.