ECLI:NL:RBSGR:2011:BP6473
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling bewaring niet-begeleide minderjarige vreemdeling in het kader van de Terugkeerrichtlijn
Eiser, een niet-begeleide minderjarige vreemdeling met de Chinese nationaliteit, werd op 8 februari 2011 staande gehouden en vervolgens in bewaring gesteld op grond van artikel 59 van Pro de Vreemdelingenwet 2000. Hij voerde onder meer aan dat zijn staandehouding onrechtmatig was en dat de bewaring niet gerechtvaardigd was, mede gezien zijn minderjarige status en de bepalingen van de Terugkeerrichtlijn.
De rechtbank oordeelde dat de staandehouding rechtmatig was omdat er een redelijk vermoeden van illegaal verblijf bestond. Handboeien werden pas na de staandehouding aangelegd, wat de rechtmatigheid van de maatregel niet aantastte. De rechtbank stelde vast dat de nationale wetgeving, hoewel de Terugkeerrichtlijn nog niet is geïmplementeerd, richtlijnconform kan worden geïnterpreteerd.
Verder concludeerde de rechtbank dat de bewaring gerechtvaardigd was omdat eiser zich niet aan de wettelijke voorschriften had gehouden en er een reëel risico was dat hij zich aan uitzetting zou onttrekken. Ten aanzien van zijn minderjarigheid was er geen alternatief voor de opvang in de jeugdinrichting waar hij verbleef, zodat de bewaring in lijn was met artikel 17 van Pro de Terugkeerrichtlijn en de Vreemdelingencirculaire 2000.
Het beroep werd ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen. De rechtbank zag geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen.