ECLI:NL:RBSGR:2011:BP8368
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Onrechtmatige inbewaringstelling wegens ontbreken terugkeerbesluit voorafgaand aan bewaring
Eiser werd op 21 januari 2011 in bewaring gesteld door de Vreemdelingendienst, na een strafrechtelijk voortraject dat op 17 januari 2011 was gestart. De rechtbank constateert dat het terugkeerbesluit pas na de inbewaringstelling, namelijk op dezelfde dag om 13:56 uur, is uitgevaardigd. Volgens de Terugkeerrichtlijn (2008/115/EG) dient een terugkeerprocedure te lopen voordat een vreemdeling in bewaring kan worden gesteld, waarbij het terugkeerbesluit het begin van die procedure markeert.
De rechtbank stelt vast dat de overdracht van eiser aan de Vreemdelingendienst geen terugkeerbesluit inhoudt, maar slechts de start van een onderzoek naar verwijdering. Het identiteitsonderzoek in het strafrechtelijk traject verandert hieraan niets. Hierdoor was de inbewaringstelling onrechtmatig vanaf het moment van plaatsing in bewaring.
De rechtbank verklaart het beroep gegrond, beveelt onmiddellijke opheffing van de bewaring en kent eiser een schadevergoeding toe van €1.520,-- voor de onrechtmatige vrijheidsontneming. Tevens wordt verweerder veroordeeld in de proceskosten van €874,--. Het vonnis is gewezen door rechter J. Jonkers en griffier A. El Markai op 9 februari 2011.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep gegrond, beveelt onmiddellijke opheffing van de bewaring en kent schadevergoeding toe aan eiser.