ECLI:NL:RBSGR:2011:BP8510
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Compensatie bij langdurige vluchtvertraging op grond van EU-verordening 261/2004 bevestigd
De eisers boekten een vlucht via een touroperator bij ArkeFly van Cuba naar Amsterdam die met circa 26 uur vertraging aankwam. Zij vorderden compensatie op grond van EU-verordening 261/2004, gebaseerd op het Sturgeon-arrest van het HvJ EU dat langdurige vertragingen gelijkstelt aan annuleringen voor compensatiedoeleinden.
ArkeFly voerde aan dat de verordening niet van toepassing zou zijn omdat de vertraging plaatsvond buiten de EU en dat zij reeds verzorging en een vergoeding voor gemaakte kosten hadden verstrekt. De rechtbank oordeelde echter dat de verordening wel van toepassing is omdat de vlucht werd uitgevoerd door een communautaire luchtvaartmaatschappij en de eindbestemming in de EU lag.
De rechtbank volgde het Sturgeon-arrest en verwierp het verweer dat bij langdurige vertraging geen compensatie verschuldigd zou zijn. De gevorderde compensatie van €1.200,- werd toegewezen, evenals wettelijke rente. De buitengerechtelijke incassokosten werden afgewezen omdat deze onvoldoende waren onderbouwd.
De rechtbank wees het verzoek tot het stellen van nadere prejudiciële vragen af, omdat het Sturgeon-arrest duidelijk is en de geldigheid ervan niet ter discussie mag worden gesteld. ArkeFly werd veroordeeld tot betaling van de compensatie en proceskosten, en het vonnis werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: ArkeFly wordt veroordeeld tot betaling van €1.200,- compensatie en wettelijke rente aan eisers wegens langdurige vluchtvertraging.