ECLI:NL:RBSGR:2011:BQ0351
Rechtbank 's-Gravenhage
- Kort geding
- R.J. Paris
- Rechtspraak.nl
Aanbestedingsprocedure schoolartikelen: subgunningscriteria en beoordelingssystematiek getoetst op objectiviteit en transparantie
De Stichting organiseerde een Europese openbare aanbesteding voor levering van leermiddelen aan haar scholen, waarbij Heutink inschreef en bezwaar maakte tegen de aanbestedingsprocedure. Heutink stelde dat de subgunningscriteria te vaag waren en dat de beoordelingssystematiek, met name de toepassing van een significantiefactor, niet transparant en objectief was. Tevens maakte zij bezwaar tegen onnodige merkverwijzingen in de aanbestedingsstukken.
De rechtbank oordeelde dat de subgunningscriteria niet los van de minimumeisen moeten worden beoordeeld; in samenhang bieden zij voldoende duidelijkheid aan inschrijvers. Het beoordelingssysteem met scores van 1 tot 10 is transparant en objectief, ook bij een klein aantal inschrijvers. Echter, de toepassing van een significantiefactor voegt een ontoelaatbaar subjectief element toe en is niet inzichtelijk, waardoor het beoordelingssysteem diffuus wordt. Dit onderdeel van de procedure moet worden aangepast.
Verder oordeelde de rechtbank dat verwijzingen naar specifieke merknamen in de bijlage 'Voorbeeld bestelling A-merken' niet zijn toegestaan omdat deze niet noodzakelijk zijn en de aanbestedende dienst feitelijk geen ruimte laat voor gelijkwaardige producten. De Stichting moet de inschrijvers de mogelijkheid bieden een nieuwe bijlage zonder merknamen in te dienen. De overige bezwaren van Heutink werden afgewezen, en de proceskosten werden ieder voor eigen rekening gelaten.
Uitkomst: De Stichting moet merkverwijzingen verwijderen en mag geen significantiefactor toepassen; overige bezwaren worden afgewezen.