ECLI:NL:RBSGR:2011:BQ0577
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling bewaring vreemdeling onder Terugkeerrichtlijn ondanks rechtmatig verblijf
Eiseres, een Turkse onderdaan, werd op 16 maart 2011 in bewaring gesteld op grond van artikel 59 van Pro de Vreemdelingenwet 2000 (Vw 2000) nadat een terugkeerbesluit was uitgevaardigd. Zij betoogde dat haar bewaring onrechtmatig was omdat zij na haar inbewaringstelling een reguliere aanvraag om verblijf had ingediend en daardoor rechtmatig in Nederland verbleef.
De rechtbank oordeelde dat de bewaring rechtmatig was omdat eiseres ten tijde van haar inbewaringstelling onder de werkingssfeer van de Terugkeerrichtlijn viel en de terugkeerprocedure nog steeds loopt. De tijdelijke opschorting van de terugkeerprocedure door haar aanvraag verandert hier niets aan. De bescherming tegen voortduren van bewaring is geregeld in artikel 59, vierde lid, van de Vw 2000 en niet in de Terugkeerrichtlijn.
Daarnaast stelde eiseres dat haar staandehouding onrechtmatig was vanwege onrechtmatig binnentreden in de woning en gebrek aan redelijk vermoeden van illegaal verblijf. De rechtbank vond het binnentreden rechtmatig, omdat een schriftelijke machtiging was afgegeven en getoond, en het anonieme tip voldoende concreet en actueel was om een redelijk vermoeden van illegaal verblijf te rechtvaardigen.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, wees het verzoek om schadevergoeding af en zag geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen de bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.