ECLI:NL:RBSGR:2011:BQ5774
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- J.I. de Vreese - Rood
- H.C. Greeuw
- S.W.S. Kiliç
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verblijfsrecht op grond van unierecht voor partner van Nederlandse burger
Eiseres, partner van een Nederlandse burger die als marktkoopman goederen in Duitsland inkoopt en in Nederland verkoopt, verzocht om een verblijfsvergunning op grond van het unierecht. De aanvraag werd afgewezen en dit besluit werd door de rechtbank bevestigd. De rechtbank oordeelde dat eiseres geen verblijfsrecht ontleent aan de richtlijn 2004/38/EG omdat referent geen verblijfsrecht heeft in een andere lidstaat en de economische activiteiten van referent vallen onder het vrije goederenverkeer, niet onder het vrije dienstenverkeer.
De rechtbank verwierp het beroep op het arrest Carpenter omdat de grensoverschrijdende activiteiten niet als diensten kwalificeren. Ook het beroep op het arrest Ruiz Zambrano faalde omdat de situatie van eiseres verschilt van die casus, onder meer doordat er geen sprake is van jonge kinderen die rechten van de burger van de Unie niet kunnen uitoefenen zonder verzorging.
Verder werd geoordeeld dat de hoorplicht niet is geschonden omdat het bezwaar kennelijk ongegrond was. Het verzoek om een voorlopige voorziening werd afgewezen omdat het belang was komen te vervallen door de beslissing in de hoofdzaak. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en wees het verzoek om voorlopige voorziening af.
Uitkomst: Het beroep van eiseres op verblijf in Nederland op grond van het unierecht wordt ongegrond verklaard en het verzoek om een voorlopige voorziening wordt afgewezen.