ECLI:NL:RBSGR:2011:BR6402
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling voortvarendheid en zicht op verwijdering van ongedocumenteerde vreemdeling naar China
Eiser, een ongedocumenteerde vreemdeling van Chinese nationaliteit, is in bewaring gesteld en verzet zich tegen het voortduren van deze vrijheidsontneming en het ontbreken van zicht op verwijdering naar China.
De rechtbank toetst of er een redelijk vooruitzicht is op verwijdering en of verweerder voldoende voortvarend handelt. Uit de stukken blijkt dat er meerdere vertrekgesprekken zijn gevoerd en dat verweerder herhaaldelijk contact heeft gezocht met de Chinese autoriteiten voor de afgifte van een laissez-passer. De Afdeling bestuursrechtspraak bevestigt dat er zicht is op verwijdering, mede gelet op de intensieve contacten met de Chinese ambassade en het aantal verwijderingen dat recentelijk heeft plaatsgevonden.
De rechtbank benadrukt dat eiser een actieve medewerkingsplicht heeft om zijn identiteit te onderbouwen, bijvoorbeeld door het overleggen van documenten zoals een identiteitspasje of Hukouboekje. Eiser heeft niet aannemelijk gemaakt waarom hij deze documenten niet kan verkrijgen.
Hoewel verweerder nog geen concrete afspraak heeft gemaakt voor een vervolggesprek met de Chinese autoriteiten, acht de rechtbank het moment voor het trekken van een negatief oordeel hierover nog niet aangebroken. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.