ECLI:NL:RBSGR:2011:BT7583
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening bij twijfel over medische reisgeschiktheid in Dublin-overdracht
Verzoeksters, beiden burgers van Armenië, maakten bezwaar tegen het besluit van de IND om hen uit te zetten naar Oostenrijk in het kader van de Dublin-verordening. De kern van het geschil betrof de vraag of verzoekster, die recent een hersentumor had laten verwijderen, medisch gezien in staat was te reizen.
De rechtbank oordeelde dat de beslismedewerker van de IND niet zelfstandig kon vaststellen dat verzoekster fit to fly was zonder een onderzoek door het Bureau Medische Advisering (BMA). Het onderzoek door de arts van International Medical Care (IMC), beperkt tot vitale functies en zonder garantie op raadpleging van het medisch dossier, kon dit niet vervangen.
De voorzieningenrechter concludeerde dat het ontbreken van een gedegen medisch onderzoek tot onomkeerbare gevolgen zou leiden indien uitzetting doorgang vond. Daarom werd de voorlopige voorziening toegewezen, waarbij uitzetting werd verboden tot vier weken na het bezwaarbesluit. Tevens werd verweerder veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: De rechtbank verbiedt de uitzetting van verzoeksters totdat medisch onderzoek door het BMA is afgerond.