ECLI:NL:RBSGR:2011:BU4455
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Toewijzing voorlopige voorziening wegens niet tijdig overleggen nadere medische adviezen in vreemdelingenzaak
Verzoekster heeft bezwaar gemaakt tegen het besluit van de Minister voor Immigratie en Asiel om toepassing van artikel 64 van Pro de Vreemdelingenwet 2000 op haar af te wijzen, waarbij het Bureau Medische Advisering (BMA) had geconcludeerd dat zij in staat was te reizen.
Verweerder heeft het nadere BMA-advies, dat inging op een reactie van de behandelaars van verzoekster, niet tijdig in het geding gebracht. Hierdoor werd verzoekster de mogelijkheid ontnomen om dit advies te beoordelen en eventueel een tegenadvies te laten opstellen.
De voorzieningenrechter oordeelt dat er sprake kan zijn van een verschil van inzicht tussen de BMA-arts en de behandelaars over de ernst van de klachten van verzoekster. Daarom wordt het verzoek om voorlopige voorziening toegewezen, waarbij verweerder wordt veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt toegewezen vanwege het niet tijdig overleggen van het nadere BMA-advies, met vergoeding van griffierecht en proceskosten.