ECLI:NL:RBSGR:2011:BU9201
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen vreemdelingenbewaring ondanks psychische situatie eiser
Eiser is op 26 oktober 2011 in vreemdelingenbewaring gesteld op grond van artikel 59 van Pro de Vreemdelingenwet 2000. Hij stelde beroep in tegen deze maatregel en verzocht tevens om schadevergoeding. Eiser voerde aan dat zijn psychische situatie nader medisch onderzocht moest worden omdat hij de zitting niet zou begrijpen, wat in strijd zou zijn met het fair trial beginsel.
De rechtbank oordeelde dat nader medisch onderzoek niet noodzakelijk was, mede omdat eiser werd bijgestaan door een raadsman en onder medische behandeling stond tijdens de bewaring. De psychische situatie van eiser werd niet als bijzondere omstandigheid gezien die de maatregel onevenredig zou maken. Ook werd vastgesteld dat eiser geen identiteitspapier had, geen vaste woon- of verblijfplaats en zich niet had aangemeld bij de korpschef, waardoor de gronden voor bewaring niet waren betwist.
Verder concludeerde de rechtbank dat een lichter middel niet doeltreffend kon worden toegepast en dat het verzoek om aanhouding van de procedure niet gegrond was. Het beroep werd ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen. De uitspraak werd gedaan door rechter H.J. Schaberg op 15 november 2011.
Uitkomst: Het beroep tegen de vreemdelingenbewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.