ECLI:NL:RBSGR:2012:BV8141
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- T. van Rij
- K.M. Braun
- G.J. Ebbeling
- Rechtspraak.nl
Bestuurdersaansprakelijkheid voor onbetaalde naheffingsaanslag loonbelasting na strafrechtelijk onderzoek
Eiser was bestuurder van een BV die een naheffingsaanslag loonbelasting en premie volksverzekeringen kreeg opgelegd na een strafrechtelijk onderzoek door de SIOD. De BV werd ontbonden zonder betaling van de aanslag. Verweerder stelde eiser persoonlijk aansprakelijk voor het onbetaalde deel en de invorderingsrente.
Eiser voerde aan dat tijdig melding van betalingsonmacht was gedaan en dat de naheffingsaanslag onterecht was vastgesteld, onder meer vanwege het onterecht toepassen van het anoniementarief en onduidelijkheid over verrekening van de G-rekening. Verweerder stelde dat de naheffingsaanslag het gevolg was van opzet of grove schuld van de BV, onderbouwd met het SIOD-proces-verbaal dat ernstige administratieve tekortkomingen en het gebruik van valse identiteitsbewijzen aantoonde.
De rechtbank oordeelde dat artikel 7, tweede lid, van het Uitvoeringsbesluit Invorderingswet een verruiming biedt voor het melden van betalingsonmacht, maar dat dit niet geldt indien de aanslag het gevolg is van opzet of grove schuld. Uit het SIOD-onderzoek bleek voldoende bewijs voor grove schuld van de BV en haar bestuurder, zodat geen geldige melding van betalingsonmacht kon worden gedaan. De bezwaren van eiser tegen de hoogte van de aanslag en aansprakelijkheid werden afgewezen. Het beroep werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van de bestuurder wordt ongegrond verklaard en hij blijft aansprakelijk voor het onbetaalde deel van de naheffingsaanslag en de invorderingsrente.