ECLI:NL:RBSGR:2012:BW7558
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Weigering verblijfsvergunning gezinshereniging wegens paspoortvereiste
Eiser, een in Nederland geboren minderjarige, verzocht om een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd onder de beperking gezinshereniging bij ouder(s). Verweerder weigerde deze vergunning omdat eiser niet beschikte over een geldig document voor grensoverschrijding, het paspoortvereiste. Eiser stelde dat hij verblijf beoogde bij zijn vader die een verblijfsvergunning had en dat de verblijfsstatus van de moeder niet relevant was. De rechtbank oordeelde dat het beleid uitgaat van het paspoortvereiste tenzij beide ouders zijn vrijgesteld, wat hier niet het geval was omdat de moeder een geldig Kosovaars paspoort bezat.
Subsidiair voerde eiser aan dat hij geen paspoort kon verkrijgen vanwege zijn status, maar verweerder stelde zich op het standpunt dat eiser wel als Kosovaar werd aangemerkt en tijdelijk reisdocumenten kon verkrijgen om een paspoort te halen. De rechtbank vond dat verweerder dit standpunt redelijk mocht innemen op basis van ambtsberichten en een verklaring van de Kosovaarse ambassade.
Verder stelde eiser dat het gezinsleven in Kosovo onmogelijk was vanwege de lange verblijfsduur van zijn vader in Nederland en de slechte omstandigheden in Kosovo, maar de rechtbank vond dat verweerder terecht meer gewicht gaf aan het Nederlandse toelatingsbeleid en dat eiser nog jong was en zich elders kon vestigen.
Ten slotte werd geoordeeld dat verweerder terecht afzag van een hoorzitting bij het bezwaar omdat het bezwaar kennelijk ongegrond was. Het beroep werd ongegrond verklaard en het bestreden besluit bevestigd.
Uitkomst: Het beroep tegen de weigering van de verblijfsvergunning gezinshereniging wordt ongegrond verklaard.