ECLI:NL:RBSGR:2012:BX0971
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening inzake terugkeervisum na mondelinge weigering
Verzoeker heeft op 31 mei en 6 juni 2012 aanvragen ingediend voor een terugkeervisum voor zakelijke doeleinden. De Minister van Buitenlandse Zaken heeft verzoeker mondeling medegedeeld dat hij geen terugkeervisum krijgt. Verzoeker maakte bezwaar en vroeg vervolgens een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter oordeelt dat de mondelinge mededeling geen besluit is in de zin van artikel 1:3 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb), omdat het niet schriftelijk is vastgelegd. Ook kan deze mededeling niet worden aangemerkt als een handeling in de zin van artikel 72, derde lid, van de Vreemdelingenwet 2000 (Vw 2000) waartegen rechtsmiddelen openstaan.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft eerder geoordeeld dat met de uitbreiding van het beschikkingsbegrip wordt voorkomen dat feitelijke handelingen buiten het bestuursrechtelijke rechtsbeschermingssysteem vallen. In dit geval is er een adequate bestuursrechtelijke procedure mogelijk via de aanvraag om afgifte van een terugkeervisum.
De voorzieningenrechter stelt dat er geen grond is om een voorlopige voorziening te treffen en wijst het verzoek af. Ook is er geen aanleiding voor vergoeding van griffierecht of proceskosten.
De uitspraak is gedaan door voorzieningenrechter A.P. Hameete van de rechtbank 's-Gravenhage.
Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat de mondelinge weigering van het terugkeervisum geen besluit is waartegen rechtsmiddelen openstaan.