ECLI:NL:RBSGR:2012:BX8565
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.C. Boeree
- A.J. Dondorp
- H.T. Masmeyer
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke uitspraak over weigering verblijfsvergunning wegens 1F-handelingen en EVRM-risico
Eiser, voormalig medewerker van het partijbureau van de Ba’athpartij in Irak, vroeg een verblijfsvergunning aan die werd geweigerd vanwege ernstige vermoedens van betrokkenheid bij 1F-handelingen (faciliteren van foltering). Verweerder stelde dat eiser geen reëel risico liep op een behandeling in strijd met artikel 3 EVRM Pro, maar dit standpunt was onvoldoende gemotiveerd.
De rechtbank vernietigde daarom het besluit van 1 juni 2010 wegens strijd met de motiveringsplicht en heropende het onderzoek. Verweerder nam op 25 mei 2012 een aanvullend besluit waarin werd erkend dat eiser wel degelijk een reëel risico loopt op een schending van artikel 3 EVRM Pro, maar dat dit niet leidt tot verlening van een verblijfsvergunning vanwege toepassing van artikel 1F Vluchtelingenverdrag.
Omdat eiser zich nog geen tien jaar in Nederland bevindt, is er geen sprake van een duurzaam uitzettingsbeletsel en wordt de proportionaliteitstoets niet toegepast. Eiser voerde aan dat hij in een hoorzitting bijzondere omstandigheden had willen aanvoeren, maar dit werd onvoldoende onderbouwd. De rechtbank verklaarde het beroep tegen het besluit van 25 mei 2012 ongegrond en veroordeelde verweerder in de proceskosten.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard tegen het besluit van 1 juni 2010 en dit besluit wordt vernietigd; het beroep tegen het besluit van 25 mei 2012 wordt ongegrond verklaard.