ECLI:NL:RBSGR:2012:BY1819
Rechtbank 's-Gravenhage
- Wraking
- Rechtspraak.nl
Verzoek tot wraking voorzieningenrechter in familierechtelijke voorlopige voorziening afgewezen
In deze zaak heeft verzoekster een wrakingsverzoek ingediend tegen de voorzieningenrechter die een voorlopige voorziening in een familierechtelijke procedure behandelde. Verzoekster stelde dat de rechter vooringenomen was vanwege een telefonische mededeling over het toepasselijke recht, waarbij Nederlands recht werd genoemd terwijl partijen Oostenrijks recht als toepasselijk achtten.
De wrakingskamer oordeelde dat verzoekster geen belang meer had bij het wrakingsverzoek, omdat een andere rechter inmiddels op het verzoek tot voorlopige voorziening had beslist. De kamer stelde bovendien vast dat de telefonische mededeling een voorlopig oordeel betrof en bedoeld was om hoor en wederhoor te faciliteren, en dat er geen sprake was van vooringenomenheid.
Na behandeling van het wrakingsverzoek verklaarde de wrakingskamer het verzoek niet-ontvankelijk. De beslissing werd in het openbaar uitgesproken op 1 oktober 2012 door drie rechters van de rechtbank 's-Gravenhage.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de voorzieningenrechter is niet-ontvankelijk verklaard omdat een andere rechter reeds op het verzoek tot voorlopige voorziening heeft beslist.