ECLI:NL:RBSGR:2012:BY4171
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Toelating gezinslid geweigerd wegens buitenlandse inburgeringseis in strijd met EU-richtlijn
Eiseres, echtgenote van een gezinshereniger, diende een aanvraag in voor een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) in Nederland. Verweerder wees deze aanvraag af omdat eiseres niet had aangetoond dat zij het basisexamen inburgering met goed gevolg had afgelegd vóór haar komst naar Nederland. De rechtbank onderzocht of deze eis verenigbaar was met artikel 7, tweede lid, van de Europese Gezinsherenigingsrichtlijn.
De rechtbank oordeelde dat de eis van verweerder in strijd is met de richtlijn, mede gelet op het standpunt van de Europese Commissie dat een lidstaat een gezinslid niet de toegang mag weigeren uitsluitend omdat het inburgeringsexamen niet in het buitenland is behaald. De rechtbank nam dit standpunt over en verwierp het verweer van verweerder.
De rechtbank beperkte zich tot de vraag over de eis van het basisexamen vóór toelating en liet andere integratievoorwaarden buiten beschouwing. Omdat geen andere afwijzingsgronden waren aangevoerd, vernietigde de rechtbank het bestreden besluit en herroept het primaire besluit, en droeg verweerder op de mvv af te geven. Tevens werden de proceskosten en het griffierecht aan eiseres toegekend.
Uitkomst: De rechtbank vernietigt het bestreden besluit en draagt verweerder op de mvv aan eiseres af te geven.