ECLI:NL:RBSGR:2012:BY6971
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging afwijzing asielaanvraag Tamil wegens onvoldoende beoordeling risico schending artikel 3 EVRM
Eiser, een Tamil afkomstig uit Sri Lanka, diende een asielaanvraag in die door verweerder werd afgewezen op grond van het ontbreken van geloofwaardige bewijsvoering en documenten. Eiser stelde dat hij van 2003 tot 2007 gevangen zat bij de LTTE en daarna ondergedoken was vanwege vervolging. Hij voerde aan dat terugkeer naar Sri Lanka een reëel risico op foltering en onmenselijke behandeling inhoudt, onderbouwd met diverse rapporten en recente jurisprudentie.
De rechtbank oordeelde dat verweerder terecht het ontbreken van documenten aan eiser kon tegenwerpen en dat het asielrelaas op onderdelen ongeloofwaardig was vanwege tegenstrijdigheden in de verklaringen over de betrokkenheid van familieleden bij de LTTE en de omstandigheden van gevangenschap en ontsnapping. Echter, de rechtbank stelde ook vast dat verweerder onvoldoende zorgvuldig heeft onderzocht of het risico op schending van artikel 3 EVRM Pro bij terugkeer naar Sri Lanka actueel en reëel is, mede gezien recente rapporten en uitspraken die wijzen op verslechterde omstandigheden voor terugkerende Tamils.
De rechtbank concludeerde dat het bestreden besluit in strijd is met artikel 3:46 van Pro de Algemene wet bestuursrecht en vernietigde het besluit. Verweerder werd opgedragen een nieuw besluit te nemen, waarbij het risico op schending van artikel 3 EVRM Pro met de vereiste nauwgezetheid moet worden beoordeeld. Tevens werd verweerder veroordeeld tot betaling van proceskosten aan eiser.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het bestreden besluit vernietigd wegens onvoldoende beoordeling van het risico op schending van artikel 3 EVRM.