ECLI:NL:RBSGR:2012:BY7063
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling aanslagen markt- en staangeld voor standplaatsvergunning gemeente Leiden
Eiser heeft een standplaatsvergunning gekregen voor de periode 1 april 2011 tot 31 maart 2012 voor een vaste standplaats van 9 m2 op het [a-plein] te Leiden. Verweerder legde voor 2011 twee aanslagen markt- en staangeld op: een kwartaalaanslag en een halfjaaraanslag, en voor 2012 een jaaraanslag. Eiser maakte bezwaar tegen de aanslagen over 2011, stellende dat ten onrechte niet één aanslag is opgelegd voor het gehele jaar en dat artikel 4, tweede lid, van de Verordening markt- en staangeld 2011 niet correct is toegepast.
De rechtbank oordeelt dat de vermelding van de periode oktober-december op een van de aanslagen een kenbare vergissing betreft en dat de aanslagen terecht zijn opgelegd voor de juiste tijdvakken. Tevens is vastgesteld dat de vergunning niet geldig was voor het gehele kalenderjaar 2011, waardoor het opleggen van een jaaraanslag niet mogelijk is volgens artikel 6, tweede lid, van de Verordening. Het verschil in te betalen bedrag tussen de opgelegde aanslagen en een hypothetische jaaraanslag is niet zodanig dat dit de verbindendheid van de Verordening aantast.
Daarom verklaart de rechtbank het beroep ongegrond en ziet geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door rechter M.A. Dirks op 5 december 2012.
Uitkomst: Het beroep tegen de aanslagen markt- en staangeld 2011 wordt ongegrond verklaard.