ECLI:NL:RBSGR:2012:BY7101
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- J.P.F. Slijpen
- Rechtspraak.nl
Overdrachtsbelastingtarief bij verkrijging onroerende zaak in verbouwing
In deze bestuursrechtelijke zaak staat centraal of de verkrijging van een onroerende zaak belast is tegen het algemene tarief van 6% of het verlaagde tarief van 2% overdrachtsbelasting voor woningen. Eiseres had een voormalige bedrijfsruimte gekocht die zij wilde verbouwen tot twee woningen. De overdracht vond plaats op 1 december 2011, terwijl de omgevingsvergunning voor de verbouwing op 29 november 2011 was verleend.
De rechtbank beoordeelt dat op de datum van overdracht moet worden vastgesteld of de onroerende zaak naar zijn aard bestemd is voor bewoning. Uit de leveringsakte blijkt dat het gaat om een bedrijfsruimte met garage, magazijn en kantoor, en niet om een woning. De rechtbank verwijst naar de Memorie van Toelichting bij de Wet op belastingen van rechtsverkeer, waarin is bepaald dat een onroerende zaak die wordt verbouwd tot woning niet onder het verlaagde tarief valt, tenzij sprake is van een nieuwe woning in aanbouw met fundering.
Hoewel de verbouwing was aangevangen, was de fundering en de buitenmuren van de oorspronkelijke bedrijfsruimte intact gebleven en was slechts een uitbouw met fundering gerealiseerd. Dit is onvoldoende om te spreken van een nieuwe woning in aanbouw. De woonbestemming in het bestemmingsplan is niet doorslaggevend. Daarom verklaart de rechtbank het beroep ongegrond en bevestigt het het 6%-tarief overdrachtsbelasting.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en het algemene tarief van 6% overdrachtsbelasting blijft van toepassing.