ECLI:NL:RBSHE:2008:BE8623
Rechtbank 's-Hertogenbosch
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling WW-uitkering bij werkzaamheden als reservist in publiekrechtelijke dienstbetrekking
Eiser was sinds 1 oktober 2004 werkloos en ontving een WW-uitkering. Hij verrichtte daarnaast werkzaamheden als reservist bij Natres, waarvoor hij werd betaald en waar sprake was van een gezagsverhouding. Verweerder stelde dat deze werkzaamheden als verzekeringsplichtige arbeid in een publiekrechtelijke dienstbetrekking moesten worden beschouwd en dat de uren op de WW-uitkering in mindering moesten worden gebracht.
Eiser voerde aan dat er sprake was van vrijwilligerswerk en dat verweerder het gelijkheidsbeginsel en het verbod van willekeur onvoldoende had weerlegd, mede vanwege eerdere foutieve beslissingen en een interne e-mail die niet volgens de Awb was bekendgemaakt.
De rechtbank stelde vast dat de werkzaamheden van eiser als reservist onder artikel 3, eerste lid, van de WW vallen en dat de uren daarom op de WW-uitkering moeten worden gekort. Het beroep op het gelijkheidsbeginsel en het verbod van willekeur faalde, omdat fouten in andere gevallen niet tot herhaling mochten leiden en de brief van het Uwv-kantoor Eindhoven geen rechtsgeldige afwijking vormde.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en zag geen aanleiding voor proceskostenveroordeling. Eiser kan binnen zes weken hoger beroep instellen bij de Centrale Raad van Beroep.
Uitkomst: Het beroep van eiser wordt ongegrond verklaard en de uren als reservist worden in mindering gebracht op de WW-uitkering.