ECLI:NL:RBSHE:2009:BI5327
Rechtbank 's-Hertogenbosch
- Eerste aanleg - meervoudig
- G.H. de Heer-Schotman
- E.H.B.M. Potters
- A. Horst
- Rechtspraak.nl
Herroeping loonsanctie wegens onvoldoende re-integratie-inspanningen niet gegrond
De zaak betreft een geschil over de verlenging van de loondoorbetalingsverplichting van een werkgever jegens een werknemer die langdurig arbeidsongeschikt was. Verweerder, het UWV, had de loonsanctie van 52 weken opgelegd wegens onvoldoende re-integratie-inspanningen van de werkgever. De werkgever betwistte dit en stelde dat zij mocht vertrouwen op het advies van haar bedrijfsarts en dat zij voldoende inspanningen had verricht.
De rechtbank oordeelt dat de werkgever inderdaad mocht uitgaan van het oordeel van de bedrijfsarts, tenzij er objectieve aanwijzingen zijn dat het advies niet deugdelijk is. In deze zaak was geen reden voor twijfel aan het advies. De bedrijfsarts had de werknemer vanaf februari 2006 als volledig arbeidsongeschikt beoordeeld, wat door de rechtbank als redelijk werd gezien gezien het complexe ziektebeeld en de therapieën.
Verder was de werkgever vanaf augustus 2006 tot maart 2007 actief met het tweedespoortraject bezig, waarbij een re-integratiedeskundige werd ingeschakeld en Randstad HR Solutions werd betrokken. De rechtbank concludeert dat de werkgever met deze inspanningen heeft gedaan wat redelijkerwijs kon worden verlangd. Het besluit tot loonsanctie is daarom onterecht en wordt vernietigd. De rechtbank voorziet zelf in de zaak door het primaire besluit te herroepen en bepaalt dat deze uitspraak in de plaats treedt van het vernietigde besluit.
Uitkomst: Het besluit tot verlenging van de loondoorbetalingsverplichting met 52 weken wordt vernietigd en het primaire besluit wordt herroepen.