ECLI:NL:RBSHE:2009:BK7658
Rechtbank 's-Hertogenbosch
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Rechtbank veroordeelt UWV en Staat tot schadevergoeding wegens overschrijding redelijke termijn
Verzoekster diende bezwaar in tegen een besluit van het UWV waarin haar aanvraag voor een WAO-uitkering werd afgewezen. Na een langdurige procedure, waarin het bezwaar en het beroep werden behandeld, oordeelde de rechtbank dat de redelijke termijn zoals bedoeld in artikel 6 EVRM Pro was overschreden.
De procedure begon met een besluit van het UWV in juli 2001, gevolgd door bezwaar en beroep tot aan de uitspraak van de rechtbank in augustus 2009. De rechtbank stelde vast dat de totale duur van de procedure ruim acht jaar bedroeg, waar een termijn van twee jaar redelijk was. Zowel het UWV als de Staat werden verantwoordelijk gehouden voor delen van de overschrijding.
De rechtbank veroordeelde de Staat tot een schadevergoeding van €3.000 en het UWV tot een aanvullende vergoeding van €2.120 bovenop een eerder toegekend bedrag van €1.380. Tevens werden beide partijen veroordeeld tot betaling van de proceskosten van verzoekster.
Uitkomst: De rechtbank veroordeelt de Staat tot betaling van €3.000 en het UWV tot betaling van €2.120 aan schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn.