ECLI:NL:RBSHE:2010:BM2842
Rechtbank 's-Hertogenbosch
- Eerste aanleg - meervoudig
- W.A.F. Damen
- J.W.H. Renneberg
- C.B.M. Bruens
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak verdachte in grootschalige fraudezaak wegens onvoldoende bewijs betrokkenheid
Deze strafzaak betreft een omvangrijke fraudezaak waarin verdachte werd verdacht van medeplegen van valsheid in geschrift, computervredebreuk, omkoping en andere misdrijven in samenhang met grootschalige fraude met WAO-premies. De tenlastelegging betrof het opzettelijk vervalsen en gebruiken van aanvraagformulieren voor terugbetaling van WAO-premies, het binnendringen in geautomatiseerde systemen van het UWV, en het doen van giften aan ambtenaren met het oogmerk om deze te bewegen tot plichtsverzuim.
Verdachte was mededirecteur van twee BV's en voerde hoofdzakelijk administratieve werkzaamheden uit. Hoewel hij betrokken was bij contractbesprekingen en betalingen, heeft de rechtbank vastgesteld dat er onvoldoende bewijs is dat verdachte wist of redelijkerwijs had moeten weten van de strafbare activiteiten van zijn medeverdachte, die tevens zijn zwager was. Verdachte mocht afgaan op de verklaringen van zijn medeverdachte over diens werkzaamheden bij het UWV.
De verdediging voerde onder meer niet-ontvankelijkheid aan wegens vermeend misbruik van strafrechtelijke bevoegdheden, onrechtmatige druk tijdens verhoren, en schending van de redelijke termijn. De rechtbank verwierp deze verweren, oordeelde dat het onderzoek zorgvuldig was en dat de redelijke termijn niet was overschreden.
De officier van justitie vorderde vrijspraak voor het feit van computervredebreuk en stelde dat verdachte medepleger was van de overige feiten. De rechtbank oordeelde echter dat het bewijs onvoldoende was om verdachte wettig en overtuigend te veroordelen en sprak hem vrij van alle tenlastegelegde feiten.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken van alle tenlastegelegde feiten wegens onvoldoende bewijs van schuld.