ECLI:NL:RBSHE:2012:BW0036
Rechtbank 's-Hertogenbosch
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vaststelling recht op vergoeding leerlingenvervoer voor leerling met verstandelijke beperking
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de gemeente Eindhoven om de vergoeding voor leerlingenvervoer voor zijn dochter, die speciaal onderwijs volgt en een verstandelijke beperking heeft, niet voort te zetten. De dochter voldoet niet aan het afstandscriterium van 6 kilometer, maar heeft vanwege haar complexe problematiek individueel en begeleid vervoer nodig.
De rechtbank stelt vast dat verweerder onvoldoende heeft gemotiveerd waarom de vergoeding niet langer wordt toegekend, terwijl eerdere vergoedingen zijn gebaseerd op artikel 20 en Pro/of 27 van de Verordening leerlingenvervoer. De gemeente heeft ten onrechte aangenomen dat artikel 20 alleen Pro ziet op technisch aangepast vervoer en heeft onvoldoende onderbouwd waarom de bijzondere omstandigheden van de dochter niet meer gelden.
De rechtbank oordeelt dat de situatie van eiser en zijn dochter niet vergelijkbaar is met eerdere jurisprudentie die verweerder aanhaalde en dat de hardheidsclausule (artikel 27) toepasselijk kan zijn. Het beroep wordt gegrond verklaard, het besluit vernietigd en de gemeente opgedragen een nieuw besluit te nemen binnen vier weken. Tevens wordt verweerder veroordeeld tot betaling van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit tot weigering van vergoeding leerlingenvervoer wordt vernietigd.