ECLI:NL:RBUTR:2005:AT9481
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluiten WAO-uitkering wegens onjuiste maatman en onvoldoende motivering urenbeperking
Eiser stelde beroep in tegen twee besluiten van het UWV: toekenning van een WAO-uitkering met een arbeidsongeschiktheidspercentage van 80-100% en vaststelling van het dagloon, en de latere intrekking van deze uitkering. De rechtbank oordeelde dat eiser om medische redenen zijn werkuren had verminderd van 40 naar 32 uur per week, waardoor de maatman onjuist was vastgesteld. De rechtbank stelde vast dat het dagloon gebaseerd moest worden op het loon bij een 40-urige werkweek, niet 32 uur.
Daarnaast was de motivering van de bezwaarverzekeringsarts en verzekeringsarts omtrent het niet aannemen van een medische urenbeperking onvoldoende overtuigend. De rechtbank vond het aannemelijk dat eiser niet in staat was fulltime te werken vanwege zijn medische klachten, waaronder suikerziekte en schildklierproblemen, en dat de arbeidsdeskundige onvoldoende rekening had gehouden met deze beperkingen.
De rechtbank vernietigde daarom beide besluiten wegens strijd met het motiveringsbeginsel (artikel 7:12 Awb Pro) en droeg het UWV op binnen dertien weken nieuwe besluiten te nemen. Tevens werd verweerder veroordeeld in de proceskosten en de griffierechten aan eiser vergoed.
Uitkomst: De rechtbank vernietigt de besluiten over de WAO-uitkering wegens onjuiste maatman en onvoldoende motivering en draagt het UWV op nieuwe besluiten te nemen.