ECLI:NL:RBUTR:2005:AU0945
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit weigering toestemming eigenrisicodrager WAO wegens te late garantieverklaring
Eiseres verzocht het UWV om toestemming om eigenrisicodrager te worden voor de WAO met ingang van 1 juli 2004. De aanvraag werd tijdig ingediend op 31 maart 2004, maar het UWV weigerde toestemming omdat de vereiste garantieverklaring van een kredietinstelling of verzekeraar niet tijdig was ingediend. Eiseres stelde dat de garantieverklaring op 4 mei 2004 was afgegeven en op 5 mei 2004 in de brievenbus van het UWV was gedeponeerd, maar het UWV stelde dat deze niet was ontvangen.
De rechtbank oordeelde dat bij een heroverweging ex nunc voldoende is dat de garantieverklaring vóór 1 juli 2004 aanwezig is, en dat het UWV bij het bestreden besluit op 22 september 2004 in het bezit was van een dergelijke verklaring. Daarom was het voor het UWV mogelijk om toestemming te verlenen. De rechtbank concludeerde dat het besluit van het UWV in strijd was met artikel 7:11 Awb Pro en artikel 75 WAO Pro en vernietigde het besluit.
De rechtbank droeg het UWV op binnen zes weken een nieuw besluit te nemen, waarbij alleen nog beoordeeld hoeft te worden of de garantieverklaring aan de wettelijke eisen voldoet. Tevens werd het UWV veroordeeld in de proceskosten en het betaalde griffierecht aan eiseres terugbetaald.
Uitkomst: Het besluit van het UWV wordt vernietigd en het UWV wordt opgedragen een nieuw besluit te nemen waarbij toestemming voor eigenrisicodragen wordt heroverwogen.