ECLI:NL:RBUTR:2005:AU6168
Rechtbank Utrecht
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Verzekeraar veroordeeld wegens verboden onderscheid in zwangerschapsuitkering
In deze zaak vordert een zelfstandige advocate, M, betaling van zwangerschapsuitkeringen van verzekeraar Movir, die onderscheid maakt tussen mannen en vrouwen in haar arbeidsongeschiktheidsverzekeringen. Movir hanteert voorwaarden die zwangerschapsverlof niet als arbeidsongeschiktheid erkennen, waardoor uitkeringen worden beperkt of uitgesloten.
De Commissie Gelijke Behandeling oordeelde eerder dat Movir verboden onderscheid maakt op grond van geslacht door onder meer een wachttijd van twee jaar te hanteren en zwangerschap uit te sluiten in bepaalde verzekeringen. Movir verdedigt zich met het argument dat zwangerschap planbaar is en niet gelijkgesteld kan worden aan ziekte of ongeval, en dat de polissen actuarieel zijn berekend.
De voorzieningenrechter oordeelt dat het onderscheid tussen zwangerschapsverlof en andere oorzaken van arbeidsongeschiktheid direct of indirect onderscheid naar geslacht oplevert en daarmee in strijd is met het verbod van artikel 7 lid 1 Awgb Pro. Movir wordt veroordeeld tot betaling van de gevorderde daggeldvergoedingen en het aanpassen van haar verzekeringsvoorwaarden. De proceskosten worden aan Movir opgelegd.
Uitkomst: Movir wordt veroordeeld tot betaling van zwangerschapsuitkeringen en aanpassing van polisvoorwaarden wegens verboden onderscheid op grond van geslacht.