ECLI:NL:RBUTR:2006:AW1742
Rechtbank Utrecht
- Kort geding
- H.J. Schepen
- Rechtspraak.nl
Schorsing stadionverboden voor Roda JC supporters wegens onvoldoende bewijs ordeverstoring
Eisers, supporters van Roda JC, kregen stadionverboden opgelegd door de KNVB na schermutselingen voorafgaand aan een wedstrijd in de Amsterdam Arena. De KNVB baseerde deze verboden op standaardvoorwaarden die het opleggen van sancties mogelijk maken bij overtreding van gedragsregels en strafbare feiten.
Eisers stelden dat de KNVB tekort is geschoten en dat de opgelegde verboden onaanvaardbaar zijn, mede omdat zij niet wisten wat zij precies hadden misdaan. De rechtbank oordeelde dat de standaardvoorwaarden een civiele sanctie mogelijk maken zonder dat een strafrechtelijke veroordeling vereist is, maar dat het opleggen van sancties op basis van enkel een melding van het Openbaar Ministerie onaanvaardbaar kan zijn.
De rechtbank constateerde dat er onvoldoende specifiek bewijs is dat eisers zich individueel hebben misdragen. De verklaringen van politiefunctionarissen waren niet gebaseerd op eigen waarneming en camerabeelden ontbraken. Ook was onduidelijk op welke grond de selectie van aangehouden supporters was gebaseerd.
Gezien de gerede twijfel over de rechtmatigheid van de opgelegde stadionverboden, verbood de rechtbank de KNVB deze uit te voeren totdat de strafrechter of civiele rechter zich over de individuele gedragingen heeft uitgesproken. De KNVB werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De rechtbank schorst de uitvoering van de stadionverboden totdat de strafrechter of civiele rechter zich over de individuele schuld heeft uitgesproken.