ECLI:NL:RBUTR:2006:AY8956
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Aansprakelijkheid Jaarbeurs voor val door gebrekkige glazen afscheidingswand
Eiser is op 1 november 1998 gevallen door een glazen afscheidingswand in de Jaarbeurs te Utrecht, wat leidde tot letselschade. Hij stelde de Jaarbeurs aansprakelijk omdat de wand niet voldeed aan de eisen die daaraan in de gegeven omstandigheden mochten worden gesteld en daardoor een gevaar opleverde. De Jaarbeurs betwistte aansprakelijkheid en stelde dat de wand niet bestand hoefde te zijn tegen de grote en onvoorzienbare geweldsinwerking.
De rechtbank stelde vast dat de wand onderdeel was van een passage die onder meer werd gebruikt door bezoekers van feesten, waarbij rekening moest worden gehouden met baldadig gedrag onder invloed van alcohol. De wand was zwart gekleurd en niet duidelijk zichtbaar als glas, waardoor het gevaar bestond dat iemand erdoorheen zou vallen. De rechtbank oordeelde dat de wand niet voldeed aan de redelijke eisen en daardoor een gevaar opleverde dat zich heeft verwezenlijkt.
De Jaarbeurs was aansprakelijk op grond van artikel 6:174 lid 1 BW Pro. De rechtbank stelde ook vast dat eiser mede oorzaak was van de schade doordat hij actief deelnam aan een vechtpartij, waardoor de schadeverdeling werd vastgesteld op 70% voor eiser en 30% voor de Jaarbeurs. De omvang van de schade moest nog nader worden vastgesteld, waarna de Jaarbeurs tot vergoeding kan worden veroordeeld.
De zaak werd aangehouden voor nadere akten over de schadevaststelling. Alle overige beslissingen werden aangehouden.
Uitkomst: De Jaarbeurs is aansprakelijk voor de schade van eiser door de gebrekkige glazen wand, met een schadeverdeling van 70% voor eiser en 30% voor de Jaarbeurs.