ECLI:NL:GHAMS:2009:BI4930
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- R.A. Dozy
- C.A. Laurentius-Kooter
- B.J. Lenselink
- Rechtspraak.nl
Aansprakelijkheid Jaarbeurs voor val door gebrekkige glazen afscheidingswand
Op 1 november 1998 is appellant tijdens een feest in de Expozaal van de Jaarbeurs door een glazen afscheidingswand gevallen en vier tot vijf meter lager terechtgekomen. Appellant stelde de Jaarbeurs aansprakelijk op grond van onrechtmatige daad en gebrekkige opstal (art. 6:162 en Pro 6:174 BW), stellende dat de afscheidingswand niet voldeed aan de daaraan te stellen veiligheidseisen.
De rechtbank oordeelde dat de afscheidingswand inderdaad gebrekkig was en dat de Jaarbeurs aansprakelijk was, maar kende appellant 30% van de schade toe vanwege eigen schuld wegens betrokkenheid bij een vechtpartij. Appellant en de Jaarbeurs gingen in hoger beroep tegen deze verdeling en aansprakelijkheidsvaststelling.
Het hof stelde vast dat de afscheidingswand mede diende om te voorkomen dat personen in de naastgelegen vier tot vijf meter lagere ruimte zouden vallen en dat deze wand bestand moest zijn tegen geweldsinwerking zoals duwen of een trap. De wand was ondoorzichtig en donker, waardoor het gevaar niet zichtbaar was. Het hof achtte aannemelijk dat de wand niet voldeed aan de veiligheidseisen omdat appellant door een karatetrap tegen de wand werd geduwd en erdoor viel.
De Jaarbeurs kreeg gelegenheid om tegenbewijs te leveren dat de wand wel aan de eisen voldeed, waarna het hof verdere beslissing zal nemen. De zaak is aangehouden en verwezen naar een rolzitting voor het nemen van een akte door de Jaarbeurs.
Uitkomst: De zaak is aangehouden voor nadere bewijslevering door de Jaarbeurs over de gebrekkigheid van de afscheidingswand.