ECLI:NL:RBUTR:2007:AZ7778
Rechtbank Utrecht
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Onbevoegdheid bestuursrechter bij schadevergoeding wegens feitelijk handelen gemeente
Verzoeker heeft schade geleden doordat de gemeente de woonwagenstandplaats niet tijdig heeft vrijgemaakt, waardoor de afgesproken opleverdatum niet werd gehaald. Hij diende een schadevergoedingsverzoek in bij de gemeente, waarop deze geen aansprakelijkheid aanvaardde. Na het uitblijven van een besluit op dit verzoek, vroeg verzoeker de bestuursrechter om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter oordeelt dat de schade het gevolg is van feitelijk handelen of nalaten van de gemeente en niet van een besluit. Volgens vaste jurisprudentie is de bestuursrechter niet bevoegd om te oordelen over schade veroorzaakt door feitelijk handelen van een bestuursorgaan. Dit geldt ook voor het uitblijven van een besluit over een schadevergoedingsverzoek dat op feitelijk handelen is gebaseerd.
Daarom verklaart de voorzieningenrechter zich onbevoegd om het verzoek om voorlopige voorziening te behandelen en wijst verzoeker erop dat hij zich tot de burgerlijke rechter kan wenden voor zijn schadevordering.
Uitkomst: De voorzieningenrechter verklaart zich onbevoegd en wijst het verzoek om voorlopige voorziening af.