ECLI:NL:RBUTR:2007:BA4398
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- M.P. Gerrits-Janssens
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit herziening huursubsidie wegens onzorgvuldige belangenafweging en motiveringsgebrek
Eiseres stelde beroep in tegen het besluit van de Minister van Volkshuisvesting tot herziening van haar huursubsidie, waarbij haar subsidie per 1 juli 2005 werd ingetrokken wegens het ontbreken van een verblijfsstatus. De minister beriep zich op artikel 10 van Pro de Huursubsidiewet, dat stelt dat huursubsidie alleen wordt toegekend aan vreemdelingen met rechtmatig verblijf.
De rechtbank constateerde dat de minister bij het herzieningsbesluit onvoldoende rekening had gehouden met een zorgvuldige belangenafweging, met name de financiële positie van eiseres en de belangen van haar minderjarige kind, zoals voorgeschreven door artikel 27 van Pro het IVRK. Tevens ontbrak een duidelijke motivering over de grondslag voor de intrekking en de terugwerkende kracht van het besluit.
De rechtbank oordeelde dat het besluit onvoldoende zorgvuldig was voorbereid en onvoldoende gemotiveerd, in strijd met de artikelen 3:2 en 7:12 van de Algemene wet bestuursrecht. Daarom werd het besluit vernietigd en de minister opgedragen binnen zes weken een nieuw besluit te nemen. Tevens werd verweerder veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van eiseres.
Uitkomst: Het bestreden besluit tot herziening van de huursubsidie wordt vernietigd wegens onzorgvuldige belangenafweging en motiveringsgebrek, met de verplichting tot een nieuw besluit binnen zes weken.