ECLI:NL:RBUTR:2007:BB1562
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Voorwaardelijke intrekking erkenning periodieke voertuigkeuring onvoldoende gemotiveerd
Eiseres, een keuringsinstantie voor motorvoertuigen tot 3500 kg, kreeg op 6 maart 2006 een besluit van verweerder waarbij haar erkenning voor het uitvoeren van periodieke keuringen voorwaardelijk werd ingetrokken. Dit volgde op een steekproef waarbij een defect aan de rollenremtestbank werd geconstateerd. Hoewel eiseres het defect direct repareerde, handhaafde verweerder het besluit.
De rechtbank oordeelt dat het besluit bevoegd is genomen, mede omdat de Manager Bestuurlijke en Juridische Zaken gemandateerd was tot het nemen van beslissingen op bezwaar. De rechtbank stelt vast dat eiseres niet aan alle voorschriften voor de steekproef heeft voldaan, omdat het defect aan de testbank het vaststellen van deugdelijkheid verhinderde.
Echter, het primaire besluit vermeldde niet duidelijk de voorwaarden van de voorwaardelijke intrekking, waardoor de sanctie onduidelijk en onvoldoende gemotiveerd is. De rechtbank wijst op het rechtszekerheidsbeginsel en bepaalt dat verweerder binnen zes weken een nieuwe, beter gemotiveerde beslissing moet nemen, waarbij ook aandacht moet worden besteed aan de proportionaliteit van de sanctie en de mogelijkheid van schorsing.
Daarnaast veroordeelt de rechtbank verweerder tot vergoeding van de proceskosten en het griffierecht van eiseres. Het beroep wordt gegrond verklaard en het bestreden besluit vernietigd.
Uitkomst: Het besluit tot voorwaardelijke intrekking van de erkenning is vernietigd wegens onvoldoende motivering en onduidelijkheid.