ECLI:NL:RBUTR:2007:BB2646
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- S. Wijna
- H.J.H. van Meegen
- G. van Zeben-deVries
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluiten handhaving kamerverhuur zonder omzettingsvergunning en dwangsomaanschrijving
Eiseres had meerdere panden omgezet voor kamerverhuur zonder de vereiste omzettingsvergunning. Verweerder, het college van burgemeester en wethouders van Utrecht, stelde handhavend op te treden en legde dwangsommen op om het illegale gebruik te staken. Eiseres voerde aan dat zij mocht wachten met vergunningaanvragen vanwege eerdere niet-handhaving en dat compensatie niet mogelijk was.
De rechtbank oordeelde dat het besluit van 25 januari 2007, waarin compensatie bij omzetting weer werd geëist, een beleidsregel is en dat bezwaar daartegen niet ontvankelijk was. De aanvragen van eiseres zonder compensatievoorstel mochten echter niet buiten behandeling worden gelaten, omdat het gewijzigde beleid van toepassing was en compensatie vereist was.
Verder stelde de rechtbank vast dat verweerder bevoegd was tot handhaving, aangezien eiseres geen vergunning had. De stelling van eiseres dat handhaving onevenredig was, werd verworpen. Wel was de termijn van vier weken te kort, gezien het aantal bewoners dat ontruimd moest worden. Daarom werden de besluiten vernietigd en verweerder opgedragen een nieuw besluit te nemen met een ruimere termijn. Verweerder werd tevens veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.
Uitkomst: De rechtbank vernietigt de dwangsombesluiten en buitenbehandelingstelling, en beveelt een nieuw besluit met ruimere termijn.