ECLI:NL:RBUTR:2007:BC0686
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Rechtbank oordeelt over co-investeringsrecht tussen D-Age en Nethave
De rechtbank Utrecht heeft op 19 december 2007 uitspraak gedaan in een civiele zaak tussen D-Age B.V. en Nethave N.V. over de uitleg en nakoming van een co-investeringsrecht toegekend aan D-Age door Nethave in 1999.
D-Age stelde dat zij het recht had om voor in beginsel 25% mee te investeren in alle investeringen die Nethave deed, maar dat Nethave dit recht niet had geëerbiedigd bij investeringen in onder meer Enertel, Telfort en Canal+. Nethave voerde onder meer aan dat het co-investeringsrecht niet onvoorwaardelijk was, dat D-Age niet tijdig een beroep had gedaan, en dat sommige investeringen geen nieuwe investeringen waren maar herkapitalisaties.
De rechtbank oordeelde dat het co-investeringsrecht inderdaad was toegekend en bekrachtigd, en niet was vervallen door het niet storten van de vierde call. Ten aanzien van de investeringen in Enertel en Telfort werd het beroep van D-Age afgewezen omdat zij niet tijdig haar rechten had uitgeoefend en niet had voldaan aan haar schadebeperkingsplicht. Voor de investering in Canal+ oordeelde de rechtbank dat Nethave tekort was geschoten in haar verplichtingen en dat D-Age recht had op vergoeding van 25% van het netto resultaat van die investering, omdat Nethave D-Age niet de mogelijkheid had geboden om te co-investeren.
De rechtbank wees de vorderingen van D-Age voor het overige af, veroordeelde Nethave tot betaling van proceskosten en bepaalde dat Nethave de schadevergoeding aan D-Age moest voldoen binnen een korte termijn.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vorderingen van D-Age toe voor de investering in Canal+ en veroordeelt Nethave tot betaling van schadevergoeding en proceskosten.