ECLI:NL:RBUTR:2009:BH1971
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- M. van Delft-Baas
- Rechtspraak.nl
Beoordeling tegenbewijs tegen betekening in verzet exequatur Duitse uitspraak
In deze civiele procedure staat centraal de vraag of de uitvoerbaarverklaring van een Duitse rechterlijke beslissing moet worden ingetrokken vanwege vermeende gebrekkige betekening van het inleidende stuk aan verzoekster. Verweerster stelde dat het stuk op het adres van verzoekster was aangeboden maar geweigerd. Dit werd ondersteund door authentieke akten en een Duitse uitspraak die de betekening als rechtsgeldig beschouwde.
Verzoekster betwistte dat het stuk aan haar adres was aangeboden en geweigerd, waarmee zij tegenbewijs wenst te leveren. De rechtbank bevestigt dat de authentieke akten dwingend bewijs leveren van de betekening aan het adres, maar dat tegenbewijs tegen dit dwingend bewijs is toegestaan. Verzoekster mag dit tegenbewijs leveren, hetzij door getuigen, hetzij door andere bewijsmiddelen.
De rechtbank stelt nadere procedurele regels vast: het getuigenverhoor vindt plaats op 16 maart 2009, partijen moeten tijdig bewijsstukken uitwisselen en kunnen bij verhindering een nieuwe datum aanvragen. De beslissing over het verdere verloop wordt aangehouden. De beschikking is uitgesproken door rechter M. van Delft-Baas.
Uitkomst: Verzoekster wordt toegelaten tot het leveren van tegenbewijs tegen de betekening van het inleidende stuk, met procedurele regels voor bewijslevering en getuigenverhoor.