ECLI:NL:RBUTR:2009:BJ6353
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- H.J. Schepen
- Rechtspraak.nl
Onrechtmatigheid conservatoir beslag op bankgarantie op eerste afroep en betalingsverplichting Rabobank
EBV en Vitol sloten op 23 juli 2008 een koopovereenkomst waarbij Vitol een bankgarantie moest stellen ten behoeve van EBV. De Rabobank stelde deze bankgarantie op eerste afroep, onder Duits recht. EBV vorderde betaling onder de bankgarantie nadat Vitol haar contractuele verplichtingen niet zou zijn nagekomen.
Vitol legde conservatoir beslag op de bankgarantie, wat EBV onrechtmatig achtte. De rechtbank oordeelde dat beslag op een bankgarantie op eerste afroep in beginsel onrechtmatig is, tenzij de aanspraak kennelijk willekeurig of bedrieglijk is. Vitol stelde dat de aanspraak gebaseerd was op een wettelijke en geen contractuele verplichting, wat volgens de rechtbank niet overtuigend was.
De rechtbank stelde vast dat de Rabobank op grond van de bankgarantie en Duits recht gehouden is tot betaling na een schriftelijke aanspraak van EBV. Het beslag werd opgeheven en Rabobank werd veroordeeld tot betaling van EUR 7.402.500,-- plus wettelijke rente. Vitol werd veroordeeld in haar proceskosten, terwijl EBV en Rabobank hun eigen kosten dragen.
Uitkomst: Het beslag op de bankgarantie wordt opgeheven en Rabobank wordt veroordeeld tot betaling van EUR 7.402.500,-- plus wettelijke rente aan EBV.