ECLI:NL:RBUTR:2010:BL4970
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bescherming kleine ondernemer onder Colportagewet bij overeenkomst met leverancier automatiseringsproducten
De kantonrechter te Utrecht behandelde een geschil tussen een kleine ondernemer en een leverancier van automatiseringsproducten over de toepassing van de Colportagewet, dwaling, bedrog, wanprestatie en een onredelijk bezwarend beding.
Eiseres stelde dat de Colportagewet via reflexwerking bescherming biedt en dat de overeenkomst nietig is omdat de mogelijkheid tot ontbinding niet in de overeenkomst was vermeld. De kantonrechter oordeelde dat de reflexwerking niet zover strekt dat de overeenkomst nietig is en dat eiseres haar beroep op ontbinding wegens spijt te laat heeft gedaan, namelijk bijna drie jaar na het sluiten van de overeenkomst.
Subsidiair stelde eiseres dat zij onder invloed van dwaling de overeenkomst was aangegaan vanwege onjuiste mededelingen en het niet informeren over belangrijke contractvoorwaarden. De kantonrechter vond deze stellingen onvoldoende aannemelijk en wees het bewijsaanbod af. Ook de stelling van wanprestatie door Proximedia werd verworpen, aangezien de geleverde diensten overeenkwamen met de overeenkomst en de klachten onvoldoende concreet waren.
Ten aanzien van het beding dat bij tussentijdse beëindiging 60% van de resterende termijnen verschuldigd is, oordeelde de kantonrechter dat eiseres als kleine ondernemer materieel gelijkgesteld kan worden aan een consument en dat dit beding vermoed onredelijk bezwarend is. Proximedia kreeg de gelegenheid te bewijzen dat de vergoeding redelijk is. De zaak werd aangehouden voor nadere bewijslevering.
Uitkomst: De zaak wordt aangehouden om Proximedia in de gelegenheid te stellen bewijs te leveren over de redelijkheid van de vergoeding bij tussentijdse beëindiging.