ECLI:NL:RBUTR:2010:BM5649
Rechtbank Utrecht
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- J.J.A.G. van der Bruggen
- V.M.M. van Amstel
- Rechtspraak.nl
Matiging invordering dwangsommen wegens exploiteren terras zonder vergunning
Eiser exploiteerde een terras zonder geldige vergunning en kreeg een last onder dwangsom opgelegd met een maximale dwangsom van €30.000. Eiser maakte bezwaar tegen deze last en tegen de invorderingsbeschikking, maar het bezwaar tegen de last werd niet-ontvankelijk verklaard vanwege termijnoverschrijding, waardoor deze formele rechtskracht kreeg.
De voorzieningenrechter oordeelde dat de invorderingsbeschikking, hoewel formeel correct, onvoldoende was getoetst aan de eisen van zorgvuldigheid en belangenafweging. Eiser had bijzondere omstandigheden aangevoerd, waaronder omzetschade door gemeentelijke werkzaamheden en het feit dat de vergunningaanvraag slechts door een formaliteit was vertraagd. Bovendien was inmiddels een vergunning verleend voor 2010.
De rechtbank stelde vast dat het invorderen van het volledige bedrag van €30.000 onevenredig was en matigde het bedrag tot €5.000. Tevens werd verweerder veroordeeld tot vergoeding van griffierechten en proceskosten. Het verzoek om een voorlopige voorziening werd afgewezen omdat de hoofdzaak reeds was beslist.
Uitkomst: De rechtbank matigt de invordering van de verbeurde dwangsommen tot €5.000 en wijst het verzoek om voorlopige voorziening af.