ECLI:NL:RBUTR:2010:BM9229
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- Z.J. Oosting
- A.G. van Doorn
- Y.A.T. Kruijer
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor het bezit van kinderporno met voorwaardelijke gevangenisstraf en werkstraf
De rechtbank Utrecht heeft op 17 juni 2010 uitspraak gedaan in de strafzaak tegen verdachte wegens bezit van kinderporno. Uit het onderzoek bleek dat verdachte tussen 26 juni 2007 en 30 oktober 2008 in bezit was van 98 kinderpornografische filmbestanden op zijn computer. Verdachte heeft dit bezit bekend en verklaarde openlijk zijn problemen en schaamte.
De verdediging voerde onder meer aan dat het binnentreden in de woning onrechtmatig was vanwege het tijdsverloop van tweeënhalf jaar tussen de melding van Interpol en de doorzoeking, en dat verdachte niet was gewezen op zijn recht op raadpleging van een advocaat voorafgaand aan het verhoor. De rechtbank verwierp deze verweren en oordeelde dat het tijdsverloop het redelijk vermoeden van schuld niet wegneemt en dat het verhoor niet in strijd was met de Salduz-jurisprudentie.
De rechtbank sprak verdachte vrij van het verspreiden, vervaardigen, invoeren en uitvoeren van kinderporno, omdat dit niet wettig en overtuigend was bewezen. Wel werd bewezen verklaard dat verdachte de films in bezit had en hiervan een gewoonte had gemaakt. De rechtbank achtte het bezit van kinderporno buitengewoon verwerpelijk en legde een gevangenisstraf van 6 maanden voorwaardelijk op, met een proeftijd van twee jaar en bijzondere voorwaarden waaronder reclasseringscontact en behandeling.
Daarnaast werd verdachte veroordeeld tot een werkstraf van 200 uren, met de mogelijkheid van vervangende hechtenis bij niet-naleving. De rechtbank hield rekening met strafverminderende factoren zoals de beperkte duur van het bezit, de medewerking aan politie en reclassering, en het ontbreken van eerdere justitiële contacten. De straf weerspiegelt de ernst van het feit en de persoonlijke omstandigheden van verdachte.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot een voorwaardelijke gevangenisstraf van 6 maanden, een werkstraf van 200 uren en bijzondere voorwaarden wegens bezit van 98 kinderpornografische films.