ECLI:NL:RBUTR:2010:BO4944
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Ontslag van rechtsvervolging wegens volledige ontoerekeningsvatbaarheid en plaatsing in psychiatrisch ziekenhuis na brandstichting
Op 1 juni 2010 stichtte verdachte opzettelijk brand in zijn woning te Amersfoort door middel van waxinelichtjes, waardoor levensgevaar voor omwonenden en gemeen gevaar voor goederen ontstond. Tijdens het politieverhoor was verdachte psychotisch en zonder raadsman aanwezig, wat een vormverzuim opleverde waardoor de verklaring werd uitgesloten van bewijs.
Psychiater en psycholoog concludeerden dat verdachte ten tijde van het delict leed aan een psychotische stoornis en harddrugsafhankelijkheid, waardoor hij volledig ontoerekeningsvatbaar was. De rechtbank volgde deze deskundigen en sprak verdachte vrij van strafbaarheid, maar gelastte plaatsing in een psychiatrisch ziekenhuis voor de duur van één jaar ter bescherming van verdachte en de samenleving.
De rechtbank oordeelde dat het ontbreken van een raadsman bij het verhoor een relatief ernstig vormverzuim was gezien de psychische toestand van verdachte. Het verweer dat verdachte een tolk nodig had werd verworpen omdat hij de Nederlandse taal voldoende beheerst. De strafbaarheid van het feit werd erkend, maar de ontoerekeningsvatbaarheid leidde tot ontslag van rechtsvervolging.
Uitkomst: Verdachte wordt ontslagen van rechtsvervolging wegens volledige ontoerekeningsvatbaarheid en voor één jaar geplaatst in een psychiatrisch ziekenhuis.