ECLI:NL:RBUTR:2010:BO9347
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Geen vergoeding voor endoscopische hernia-operatie volgens PTED-methode door ziektekostenverzekering
Eiseres had een basis- en aanvullende ziektekostenverzekering bij ASR en onderging in 2007 een endoscopische hernia-operatie volgens de PTED-methode in Duitsland. ASR weigerde de kosten te vergoeden omdat deze behandeling volgens het College voor Zorgverzekeringen (CVZ) niet voldoet aan de maatstaf van de stand van wetenschap en praktijk. Eiseres stelde dat de behandeling wel gebruikelijk was en dat ASR onrechtmatig had gehandeld door haar beleid eenzijdig te wijzigen zonder kennisgeving.
De rechtbank oordeelde dat ASR geen toezegging had gedaan om de operatiekosten te vergoeden en dat de PTED-methode niet voldoet aan de vereiste wetenschappelijke en praktijkstandaarden zoals vastgesteld door het CVZ, ondersteund door deskundigen en beroepsverenigingen. De stelling van eiseres dat het recht op vergoeding was ontstaan in 2005 werd verworpen omdat aanspraken pas ontstaan bij daadwerkelijke zorgverlening.
De rechtbank vond dat ASR niet in strijd handelde met rechtszekerheid en dat het beroep op redelijkheid en billijkheid faalde gezien de wettelijke taak van het CVZ en het Nederlandse zorgstelsel. Wel werd ASR Aanvullende Ziektekostenverzekeringen veroordeeld tot vergoeding van de kosten van de second opinion. De hoofdeis tot vergoeding van de operatiekosten werd afgewezen.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vordering tot vergoeding van de PTED-operatie af, maar veroordeelt ASR Aanvullende Ziektekostenverzekeringen tot vergoeding van de second opinion kosten.