ECLI:NL:RBUTR:2011:BQ9808
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Voorwaardelijke werkstraf wegens huiselijk geweld, vernieling en diefstal
Op 28 juni 2011 heeft de rechtbank Utrecht uitspraak gedaan in de strafzaak tegen verdachte, die werd beschuldigd van vernieling, diefstal en mishandeling van zijn vriendin. De rechtbank heeft vastgesteld dat verdachte op verschillende data in 2010 onder invloed van alcohol en psychische problemen opzettelijk en wederrechtelijk een deur heeft vernield, een portemonnee en tas heeft gestolen en zijn vriendin heeft mishandeld.
De rechtbank baseerde haar oordeel op de bekennende verklaringen van verdachte tijdens de terechtzitting, de aangifte van de benadeelde en de verklaringen van beide partijen. Hoewel verdachte het slaan en schoppen betwistte, achtte de rechtbank dit bewezen op grond van de verklaringen.
Verdachte is strafbaar bevonden en veroordeeld tot een werkstraf van 60 uren voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar, met een vervangende hechtenis van 30 dagen bij niet-naleving. De rechtbank hield rekening met de persoonlijke omstandigheden van verdachte, waaronder zijn vrijwillige opname en behandeling, en achtte een geheel voorwaardelijke straf passend.
De benadeelde partij werd niet-ontvankelijk verklaard in haar vordering tot schadevergoeding, omdat dit een onevenredige belasting van het strafgeding zou opleveren. Zij werd verwezen naar de burgerlijke rechter voor haar vordering.
De uitspraak werd gewezen door de meervoudige kamer van de rechtbank Utrecht en uitgesproken in een openbare terechtzitting.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot een voorwaardelijke werkstraf van 60 uren met een proeftijd van twee jaar wegens vernieling, diefstal en mishandeling.