ECLI:NL:RBUTR:2012:BV3637
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- I.P.H.M. Severeijns
- A. van Maanen
- Y.A.T. Kruijer
- Rechtspraak.nl
Voorwaardelijke gevangenisstraf en werkstraf wegens hennepteelt en hennepbezit
De rechtbank Utrecht heeft op 2 januari 2012 uitspraak gedaan in de zaak tegen verdachte, die werd verdacht van het medeplegen van hennepteelt en het opzettelijk aanwezig hebben van 150 hennepplanten in Utrecht. De tenlastelegging betrof een periode van 15 januari 2009 tot en met 20 maart 2010.
De verdediging voerde aan dat het binnentreden in het pand onrechtmatig was en dat de verklaring van verdachte uitgesloten moest worden omdat hij niet was gewezen op zijn recht op een advocaat voorafgaand aan het verhoor. De rechtbank verwierp deze verweren. Het binnentreden was rechtmatig op grond van artikel 9 lid 1 onder Pro b van de Opiumwet, mede gebaseerd op een specifieke M-melding en een warmtemeting door Stedin. De Salduz-norm was niet van toepassing omdat verdachte vrijwillig op het politiebureau verscheen.
De rechtbank achtte wettig en overtuigend bewezen dat verdachte samen met anderen hennep had geteeld en 150 hennepplanten aanwezig had gehad. Verdachte werd veroordeeld tot een voorwaardelijke gevangenisstraf van 2 maanden met een proeftijd van 2 jaar en een werkstraf van 80 uur, met een vervangende hechtenis van 40 dagen bij niet-nakoming. De straf werd opgelegd gelet op de ernst van de feiten, eerdere veroordelingen en maatschappelijke overlast door hennepteelt.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot een voorwaardelijke gevangenisstraf van 2 maanden en een werkstraf van 80 uur wegens medeplegen van hennepteelt en hennepbezit.